| Huisonderwijs van een Zwitserse gouvernante. Vervolgens ging zij naar een dagschool voor meisjes, die gehouden werd door Fräulein Gräver. Tussen haar 18e en haar 35e jaar bestond haar leven grotendeels uit het huishouden, uit borduren, tekenen, pianospelen, brieven schrijven, visites maken en veel lezen uit haar vaders bibliotheek. Van het ogenblik af dat zij in 1871 toetrad tot het bestuur van de toen net door Betsy Perk gestichte vereniging 'Arbeid Adelt' en zelf met enige anderen in 1872 de vrijwel gelijk gerichte vereniging 'Tesselschade' oprichtte nam haar leven een geheel andere wending. Deze verenigingen stelden zich de verbetering van het lot der onvermogende vrouw uit den beschaafden stand door aanmoediging en bevordering van haren kunst- en arbeidszin ten doel. Dit geschiedde door bemiddeling in de verkoop van handwerkprodukten in eigen winkels en op bazars en meer en meer door de bevordering van opleidingsmogelijkheden. Hierin heeft Jeltje de Bosch Kemper zowel in als buiten 'Tesselschade' een groot aandeel gehad. Zo werd op haar initiatief in 1880 een diploma voor nuttige en fraaie handwerken ingesteld en in 1883 de school voor kunstnaaldwerk in het Rijksmuseum geopend, terwijl zij in 1887 een groot aandeel had in de uitbouw van de Dagtekenschool voor meisjes, waar in 1901 een afdeling kunstambacht aan toegevoegd kon worden. Ook in de opleiding voor verpleegsters speelde zij als bestuurslid van de afdeling ziekenverpleging een belangrijke rol. In 1892 was zij voorzitster van het Congres voor Ziekenverpleging waar de Bond voor Ziekenverpleging uit voortkwam. Vele jaren was zij voorzitster van de redactie van het Maandblad voor Ziekenverpleging. In 1891 wist zij na het publiceren van een brochure en het houden van vele lezingen de Amsterdamse Huishoudschool opgericht te krijgen. Ook hierin zag zij door de instelling van een centraal leraressenexamen een verruiming van beroepsmogelijkheden. In 1899 bracht zij een opleiding voor kinderjuffrouwen tot stand. |