100 Jaar - 1849
- VERSLAG NOPENS DEN STAAT DER HOOGE, MIDDELBARE EN LAGERE SCHOLEN IN HET KONINGRIJK DER NEDERLANDEN, OVER 1849 - 1850.
LINK
- Advies van de staatscommissie-Ewijck over het hoger onderwijs. Volgens de commissie diende het hoger onderwijs de student voor te bereiden op een maatschappelijke functie. Het moest ‘door grondig onderrigt hare kweekelinge voor maatschappelijke betrekkingen vormen, en hen in alle rigtingen voor bereiden tot eigen studie, voortgezette beoefening en toepassing der wetenschap in het maatschappelijk leven’. Met dit advies ging de commissie lijnrecht in tegen de vigerende regeling, neergelegd in het Organiek Besluit van 1815, dat bepaalde dat de taak van de universiteiten eruit bestond om adellijke jongeren voor te bereiden op een leven in hogere kringen. De opvatting van deze commissie dat het hoger onderwijs ten dienste moest staan van de beroepspraktijk en dus van de burgerij, betekende een doorbreking van het standsverschil dat de niveaus van onderwijs tot dan toe gescheiden hield. Minister Thorbecke legde de adviezen van de commissie-Ewijck vast in de ‘Wet op het Middelbaar Onderwijs’ die hij in 1863 indiende.
-
Walter Hunt: veiligheidsspeld.
- Koning Willem II overlijdt plotseling aan zijn hartkwal en wordt opgevolgd door zijn zoon Willem III.
- Eerste plan om de Zuiderzee af te sluiten.
- Het provinciaal gesticht 'Meerenberg' in Santpoort wordt geopend. Het was het eerste en voorlopig enige krankzinnigengesticht dat volgens de nieuwe geneeskundige richtlijnen werd opgericht. Het bevond zich niet in de stad, maar op het platteland: ver van het stedelijk rumoer en vaak ook ver van de familie. Meerenberg telt spoedig meer dan vierhonderd bedden. De behandeling was in Engeland afgekeken: 'moral treatment'. Het was het eerste en lange tijd enige gesticht in continentaal Europa waar men de ook in Engeland ontwikkelde 'non-restraint'-methode consequent doorvoerde. Vanuit de opvatting dat het wezen van krankzinnigheid bestond uit een stoornis van het morele aspect van de mens, werd genezing gezocht in de versterking van het vermogen tot zelfbeheersing. Dat gebeurde door middel van arbeid, ontspanning, 'psychische leiding' van de geneesheer, medicijnen en fysische behandelingen als aderlaten, purgeren en baden, en ook godsdienstoefening in een besloten gestichtssamenleving die als een groot huisgezin werd voorgesteld en waarin burgerlijke idealen de toon aangaven.
- Cholera.
- Oprichting van de 'Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst' (NMG).
- 'Nut en Genoegen' - Groningen -.