LINK
| Klaas Herman Bouman |
| 1874-1947 |
| Hij studeert vanaf 1894 geneeskunde in Amsterdam en doet daar in 1902 zijn artsexamen. Al snel daarna, in 1905 promoveert hij op een onderwerp betreffende de anatomie van de hersenen. In 1912 wijst hij op de dringende behoefte aan onderwijs voor 'lastige, misdadige kinderen', naar analogie van het onderwijs voor zwakzinnige kinderen. De plannen voor een nieuwe school, 'de strenge school', als vorm van buitengewoon onderwijs zijn gereed. De studie van deze abnormale karakters vormt een grensgebied tussen de werkkring van de paedagoog en de psychiater. Maar, zo stelt hij, de lichte vormen van 'lastige, ondeugende kinderen' horen tot het werkterrein van de paedagogiek, maar de zwaardere tot dat der psychiatrie. Immers, 'de voorgeschiedenis van menig misdadig mens leert, hoe hij reeds als kind niet deugde en tot de moeilijk te regeren en lastige kinderen behoorde'. Hij ziet reeds gezinsverpleging voor zich, wat pas ruim 50 jaar later verwezenlijkt zal worden. Het helpt niet om lastige kinderen buiten de deur te zetten, want 'affectieve complexen kunnen wel naar het onbewuste verbannen worden, maar we kunnen ze nooit buiten onze persoonlijkheid plaatsen'. Ook in 1912 wordt hij privaat-docent psychiatrie en in 1916 - tot 1946 - hoogleraar in de psychiatrie en neurologie aan de Universiteit van Amsterdam. Boumans belangstelling ligt vooral bij de psychiatrische aspecten van de neurologie. Hij publiceert niet alleen over schizofrenie en de daarmee verband houdende pathologie van de hersenschors, maar ook over begaafdheid bij zwakzinnigen, de oorsprong van het genie, geestelijke hygiëne en over wat in zijn tijd 'het alcoholvraagstuk' heet. In De Wegwijzer, maandschrift voor de studie van het alcoholvraagstuk, schrijft Bouman over de nieuwste opvattingen over het alcoholisme. Etiketten als 'ondeugd en zonde' zijn uit de tijd; de aanpak van het alcoholprobleem is een medische en sociale aangelegenheid. Zo wordt in 1909 het Medisch Consultatiebureau voor Alcoholisme te Amsterdam opgericht. Het wordt opgezet naar het voorbeeld van de consultatiebureaus voor de bestrijding van tuberculose. Het eerste was al in 1887 opgezet in Engeland. In 1901 waaide het idee over naar Nederland. Het eerste bureau kwam in Rotterdam. Ze werkten volgens principes die ook bij de drankbestrijding bruikbaar bleken te zijn: kosteloze hulp, toegankelijk voor iedereen, gericht op diagnose en advies en zonodig aandacht voor de sociale omgeving van de patiënt. Bouman staat aan de wieg van het Instituut voor Medische psychologie, de eerste Nederlandse instelling voor psychotherapeutische hulp. Ook de Medisch Opvoedkundige Bureaus komen uit zijn koker. Verder neemt hij het initiatief tot de oprichting van de Nederlandse Vereniging voor Geestelijke Volksgezondheid. Later ontstaat daaruit de Nederlandse Federatie voor Geestelijke Volksgezondheid, waarvan Bouman tot zijn dood in 1947 voorzitter blijft. |
| Vader: Afkomstig uit familie van artsen en dominees. |
