LINK
| Nan Snijders-Oomen |
| 1916-1992 |
| In 1943 had de jonge psychologe Nan Snijders-Oomen in het doveninstituut van Sint-Michielsgestel de Snijders-Oomen Niet-verbale intelligentietest (SON) ontwikkeld. Zij werkte samen met Jan Snijders, haar echtgenoot, in Groningen. |
| BRON |
| Johan Knijff |
| 1916-1991 |
| Hij was hoofd van de school van de Adriaan-Stichting in Rotterdam. Aansluitend werd hij hoofd van de ds. O.G. Heldringschool, in Rotterdam, een school voor Buitengewoon Lager Onderwijs. Werd vervolgens hoofd van de Onderafdeling Sociaal-Pedagogische Zorg van de Gemeentelijke Geneeskundige- en Gezondheidsdienst in Rotterdam. Was (eind)redacteur van het TvO gedurende vijftien jaar. Directeur van het Seminarium voor Orthopedagogiek waar hij onder andere docent encyclopedie van het speciaal onderwijs was. Kreeg in 1974 een hersenbloeding. |
| BRON: TvO. |


Ingezonden brief
Tijdschrift Vereeniging van Onderwijzers en Artsen werkzaam in Inrichtingen voor Onderwijs aan achterlike en zenuwzwakke kinderen, januari 1916, achtste jaargang - Ernst de Vries
Geachte Heer Herderscheê,
Uw artikel over ‘Eugenie’, in het Septembernummer van dit Tijdschrift, heeft mij door zijn duidelike behandeling van het onderwerp en zijn sympathieke konklusies getroffen. Juist daarom zou ik gaarne een opmerking maken naar aanleiding van een enkel woord, n.l. of door U het woord mutant, sprongvariatie, wel in de juiste betekenis wordt gebruikt. Als zodanig wordt toch beschouwd een plotseling optredende vorm met een nieuwe eigenschap of het verdwijnen van een eigenschap, waardoor deze zich van zijn ouders onderscheidt. Bij de zich omhoogwerkende vader (pag. 77) bestaat m. i. geen nieuwe eigenschap, doch slechts een zeer gunstige kombinatie der verschillende desbetreffende eigenschappen der ouders. Deze man is dan de zeer gunstig gekonstitueerde bastaard. Want een mensenras is niet één enkel onveranderlik type, maar het is een groot mengelmoes van in enkele eigenschappen verschillende typen, zoals het gewone te velde staande koren uit een groot aantal, elk voor zich zaadvaste, ondersoorten bestaat.
Door kruising van dit groot aantal typen zal natuurlik meestal een middensoort ontstaan, terwijl de gunstigste en de ongunstigste kombinaties zeldzaam zullen zijn.
Het woord mutant blijve dan bewaard voor die vormen, waar een werkelik nieuwe eigenschap optreedt, maar dat is, voor zover mij bekend, bij de mens nooit waargenomen.
Oegstgeest, Nov. 1915.
Bekijk het artikel
Bekijk het artikel
Bekijk het artikel
Bekijk het artikel
Bekijk het artikel
Bekijk het artikel